De ronde van Shana
Shana Van Glabeke is 31 en woont in Zottegem samen met haar Yorkshire Myla. Ze werkt bij team Brakel - Lierde en is een getalenteerd wielrenster!
Je wielerpassie combineren met je job, lukt dat een beetje?
Dat is eigenlijk niet zo moeilijk, ik werk in de voormiddag, kom thuis rond 12u en dan heb ik nog de hele namiddag. Eerst eten, dan een beetje rusten, daarna omkleden en de fiets op. Een ideale job om te combineren met mijn sport. Ik hou ook enorm van de vrijheid, in mijn werk én op de fiets!
Hoe vaak ga je trainen?
Ik fiets bijna elke dag. Soms kan het gebeuren dat ik op maandag, na ons teamoverleg een rustdag inlas. Ik ben dan meestal pas om 16u thuis en het hangt er dan een beetje van af of ik zin heb om nog een uurtje te fietsen. Zo niet, dan blijf ik thuis om een beetje te poetsen of zo.
Een halve dag werken, teamoverleg én poetsen, dat is voor jou een rustdag?
(lacht) Als je 't zo bekijkt ...
Betekent dat ook dat je geen 'uitgaander' bent?
In het weekend al zeker niet, want dan moet ik vaak koersen. Maar voor een terrasje mag je mij altijd bellen hoor. Ik woon dicht bij de markt van Zottegem, daar zijn genoeg mogelijkheden. Ik ga ook elke dag wandelen met Myla en soms belanden we daarna nog ergens op een terras.
Myla gaat trouwens regelmatig mee op training, in een speciale rugzak, dat vindt ze leuk. Ik zorg er natuurlijk wel voor dat die trainingen niet langer duren dan voor haar comfortabel is.
Hoe ben je in de wielersport beland?
Ik heb de wielermicrobe van mijn papa geërfd. Hij fietste vroeger ook en hij was echt goed. Vanaf het moment dat ik op mijn veertiende mijn eerste koersfiets had, ben ik ook wedstrijden beginnen rijden. Papa en ik gingen dan vaak samen trainen. Ik ben sowieso altijd al heel sportief geweest, dat ging van tennissen in de tuin tot mountainbiken.
En hoe was je start bij het Wit-Gele Kruis?
Het team heeft mij met open armen ontvangen, dat gaf meteen een heel warm gevoel. Ik kreeg een meter toegewezen en de eerste dagen reed er iemand mee met mij. Met een verpleegkundige die de ronde door en door kent aan mijn zijde, kreeg ik snel het nodige zelfvertrouwen. Ik kon haar alles vragen. Ik ben dus heel vlot opgestart en ik leer nog elke dag bij.
Soms draag ik mijn overwinning op aan een patiënt of collega
Leven je collega's mee met je sport?
Zeker, bij de koers in Brakel lag de finish net aan onze teamlocatie. Twee collega's zijn toen komen supporteren. Ik had een zieke collega mijn bloemen beloofd als ik een podiumplaats zou halen. Helaas was er vlak voor mij iemand gevallen en konden er twee rensters wegrijden waardoor ik pas derde was.
Ik ben mijn boeket dan bij haar gaan afgeven om haar beterschap te wensen. Dat was wel pakkend. Een collega heeft dat ook vermeld op het teamoverleg en iedereen vond dat een heel mooi gebaar.
Ook onze teamcoach heb ik al beterschap gewenst met virtuele bloemen na een overwinning. Ik maakte er een foto van en stuurde die dan door naar haar.
Heb je met je patiënten ook zo'n nauwe band?
Oja, dat zijn echte schatjes hé! Die leven ook heel erg mee met mijn wedstrijden. Ze noemen mij 'coureurke'. Van zodra ze mijn gezicht zien op maandag, vragen ze hoe de koers is geweest. Wanneer een patiënt jarig is, dan zeg ik altijd dat ik mijn best zal doen om bloemen te krijgen. Als ik dan effectief een podiumplaats haal, toon ik hen achteraf de foto's.
In Brakel heb ik twee patiënten in het klooster. De ene zuster is al 96 maar nog heel kwiek. Als ik haar zeg dat ik tweede was, antwoordt ze 'Allez, ge moet wel winnen hé'. En dan brandt ze een kaarske voor mij of ze zegt dat ze gaat bidden voor mijn volgende wedstrijd.
En wij gaan duimen Shana!