Hoe help je bij een noodsituatie?
Een buur, familielid of een voorbijganger op straat: wanneer iemand plots in elkaar zakt en niet meer ademt, schrikt iedereen. Toch kan je met enkele eenvoudige stappen al veel betekenen tot de hulpdiensten er zijn. Ook als leek kan je heel wat doen!
1. Kijk. Luister. Voel.
Bekijk of de omgeving veilig is voor jezelf en voor de persoon (geen verkeer, gevaarlijke situatie ...) en roep om hulp als er mensen in de buurt zijn.
Controleer vervolgens het bewustzijn:
- Spreek de persoon duidelijk aan: “Gaat het?”
- Raak voorzichtig de schouder aan.
Reageert de persoon niet? Ga dan in maximaal 10 seconden na of de ademhaling normaal is:
- Kijk of de borstkas op en neer gaat bij het ademen.
- Luister naar ademgeluiden.
- Voel met je wang of er lucht uit de neus en/of mond komt.
2. Contacteer 112
Twijfel je? Ga uit van abnormale ademhaling en bel naar 112.
- Bel 112 of laat een omstaander bellen.
- Zet de gsm op speaker en zeg: “Iemand reageert niet en ademt niet normaal.” De operator blijft aan de lijn en vertelt wat je moet doen.
3. Start reanimatie
Ga dan over tot reanimatie. Geen zorgen, met deze eenvoudige stappen lukt het iedereen:
-
Leg de persoon op de rug, op een harde ondergrond.
-
Kniel naast het slachtoffer ter hoogte van de bovenarm.
-
Plaats je handen in het midden van de borst en breng je bovenlichaam tot boven de persoon.
-
Duw snel en stevig met gestrekte armen: ongeveer 2 keer per seconde. Het ritme van “Stayin’ Alive” helpt. Laat tussenin de borstkas terug omhoog komen.
-
Bij kinderen start je met 5 beademingen en nadien met de reanimatie 30 keer duwen op de borst.
-
Je hoeft geen mond-op-mond te doen als je dat niet durft of kan. Enkel een hartmassage maakt al een enorm verschil.
-
Gebruik een automatische externe defibrillator (AED) als die in de buurt is.
Het hoeft niet perfect: je aanwezigheid en snelle reactie zijn het belangrijkste.