Jeanne Devos, hulpverlening, zuster Jeanne Devos, hulpverlening, zuster

Zuster Jeanne Devos strijdt tegen misbruik van huispersoneel

12 april 2016
6 december 2023
Zorgen voor anderen
Ethiek

We ontmoeten zuster Jeanne Devos op een zonnige herfstdag in het prachtige Missiehuis ‘de Jacht’. Dat is het huis waar ze verblijft wanneer ze in België is, vandaaruit volgt ze de situatie in India op de voet.

Zuster Jeanne Devos
Wie is ...

Zuster Jeanne Devos

  • Geboren op 9 januari 1935
  • Belgische zuster die zich inzet voor hulp aan de armen in de sloppenwijken van Bombay (India)
  • 2005: nominatie voor de Nobelprijs voor de Vrede
  • 2009: ontvangen van het Grootkruis in de Kroonorde

Hoe is je engagement voor vrouwen en kinderen in India ontstaan?

"Hoe meer ik in contact kwam met de allerarmsten, hoe meer ik besefte dat vrouwen en kinderen de eerste slachtoffers zijn. Dat deed bij mij het verlangen groeien om mij alleen voor vrouwen en jonge meisjes in te zetten. De confrontatie met een kind van 12,5 jaar was voor mij de doorslaggevende gebeurtenis. Ze kwam elke ochtend melk halen en moest telkens overgeven. In het ziekenhuis werd me verteld dat ze in verwachting was. Het meisje was dus verkracht, zwanger geraakt en geaborteerd, zonder dat er een volwassene bij was met raad of steun. Ze leefde weg van haar ouders en familie, alleen bij een werkgever."

Intussen is jouw beweging uitgegroeid tot een nationaal verankerde organisatie?

"Onverwachts eigenlijk, want in het begin werd er gelachen met mij. Nu hebben we ongeveer 3 miljoen leden die werken voor – volgens een schatting van de Wereldbank – ongeveer 92 miljoen huisarbeiders. We werken in 28 talen, in 17 staten zijn we heel sterk aanwezig, in een 7-tal andere hebben we contacten en groepen, maar nog geen sterke coördinatie."

Op welke manier ondervond je tegenstand?

"In het begin was die tegenstand duidelijk op mij persoonlijk gericht. Ik was de ‘ambetante’ in de buurt, want ik bemoeide me met andermans zaken. De laatste tijd zijn er duidelijke verwittigingen van de maffia. Dat gebeurt schriftelijk. Zij gebieden je te reageren door te stoppen met je acties ofwel moet je betalen. De maffia huren iemand in om je op te sporen en uit de weg te ruimen. Lukt dat niet binnen twee weken, dan ben je weer vrij. Dus onze advocaten raden me aan om gewoon twee weken te verdwijnen, zodra ik een dreigbrief krijg. Ik heb dat al twee keer effectief gedaan."

Om een dergelijk netwerk te kunnen uitbouwen, heb je ongetwijfeld heel wat middelen nodig. Waar komen die vandaan?

"We hebben een enorm vrijwilligersnetwerk. Steun vanuit fondsen is er minder, omdat die in India voornamelijk vanuit een middenklasse komen die zelf huisarbeiders hebben en die dus geen baat hebben bij ons werk. In België zien we wel een enorme steun voor het ‘Zuster Jeanne Devos Fonds voor Kinderrechten’, maar gemiddeld lage giften. Wat uniek is binnen onze organisatie is dat onze leden zelf bijdragen. Ik zie dat in geen enkele andere NGO. Het is zuur verdiend geld. Ik waardeer dat enorm."

Je hebt intussen wel wat erkenning gekregen. In 2005 werd je zelfs genomineerd voor de Nobelprijs voor de Vrede.

"Ja, dat klopt. En ik was daar heel blij om, want ik werkte eigenlijk met miljoenen kinderen die zogezegd niet mochten bestaan. Niemand sprak erover, ze zaten achter gesloten deuren. Ze kregen zelfs geen naam. Ik moet zeggen, als je zoiets tegenkomt, dan zoek je wel de media op om die kinderen onder de aandacht te brengen."

Je steunt ook OR.C.A (Organisatie voor Clandestiene Arbeidsmigranten). 

"Klopt. OR.C.A vzw heeft een project gestart rond huisarbeiders in de regio rond Brussel. Want het misbruik komt hier ook voor, dat weten we al lang. De verhalen lopen gelijk met de situaties in India en ze zijn vaak heel schrijnend."

Ik werkte eigenlijk met miljoenen kinderen die zogezegd niet mochten bestaan.